donderdag 21 juli 2016

Tegenstrijdigheid ten top

Ik heb een onwerkelijk irritant grote drang naar zelfstandigheid, en hier zou mijn moeder je vierdubbel gelijk in geven. Toen ik een tikje jonger was omschreef ze me met de woorden ‘zelf doen’, omdat ik niets op deze aardbol onuitstaanbaarder vond dan afhankelijkheid, afspraken met anderen die me nutteloos leken (voorbeeld: om zes uur eten we!), en het nodig hebben van hulp. Toen ik 17 jaar oud was verhuisde ik naar Amsterdam voor mijn studie, maar vooral omdat het echt nodig was om uit huis te gaan. Ik kom uit een fantastische familie, maar als je op een gegeven moment nooit ‘oké’ maar altijd ‘waarom’ zegt is het voor niemand meer leuk. Ook nu ik in Amsterdam woon ga ik vaak op willekeurige tijdstippen willekeurige dingen doen zonder iemand aan mijn zij - en dat is gewoon omdat ik dat van mijzelf móét doen, omdat het kan. 

Ik klink best wel stom zo. Het is niet alsof ik altijd door de stad loop te chagrijnen met een groot bord met ‘laat mij alleen!!!’ er op om mijn nek - ik geloof dat ik best oké ben om mee om te gaan (althans, dat vertel ik mijzelf, hah! hah! hah! Wanneer ik je om vier uur ’s nachts WhatsApp om te vragen of dat wat ik eergisteren mompelde tóch niet naarder was dan ik dacht hyperventileer ik wel anders, maar dat is een verhaal voor een volgende keer). Nee, meestal ben ik best wel normaal. Het enige vrij jammere is, is dat mijn complete persoonlijkheid volledig tegenstrijdig is. Klein ding maar. Ik heb hier verschillende voorbeelden van, maar mijn drang naar zelfstandigheid versus hoe ik met mensen om ga en mijn gevoel richting anderen is op dit moment het meest aanwezige in mijn leven.

Zie, ik heb net vakantie. Overmorgen ben ik welgeteld al 3 complete weken vrij van de universiteit, en hoewel mijn studie heerlijk is heb ik ook even behoefte aan Sjoukje-tijd: tijd die ik normaal zou opvullen met het doorspitten van boeken, vul ik nu met het doorspitten van boeken die ik daadwerkelijk wíl lezen, afspreken met vrienden die ik al veel te lang niet meer zag, en andere willekeurige dingen die ik al honderd jaar niet deed zoals weven en Spotify-playlists aanmaken en evengoed dingen uitstellen want dat gebeurt ook nog in Sjoukje-land tijdens Sjoukje-tijd. (En lange zinnen maken. Daar ben ik nog steeds goed in.) Ondanks dat ik dus genoeg heb om mijn dagen mee op te vullen, heb ik wanneer ik even níéts te doen heb geen studie waar ik aan kan werken of me druk over kan maken, wat betekent dat ik tijd heb om na te denken. En dat kan af en toe best wel naar zijn.

De link met zelfstandigheid? Ik moet mensen om mij heen hebben. Mensen die ik leuk vind, mensen die mij leuk vinden, mensen waar ik graag tijd mee spendeer en gewoon fijne mensen in het algemeen. Wanneer ik even stress heb met iemand, of wanneer ik denk dat iets niet goed zit of wat dan ook, word ik helemaal gek en denk ik nergens anders aan. Wanneer ik het gevoel heb er alleen voor te staan word ik dat ook, misschien nog erger. Ik kan me over alles gemakkelijk heenzetten, behalve mijn gevoel als het om wat voor relatie dan ook met anderen gaat. Waar is die zelfstandigheid nu? Waarom wil ik alles zelf, behalve als alles zelf kán? Iets anders. Waarom raak in paniek als ik denk aan het feit dat ik de rest van de dag in mijn eentje in de zon kan zitten met een boek, was dat niet alles waar ik het hele jaar naar verlangde? En waarom verlang ik juist naar die activiteit als ik weet dat ik de komende paar weken van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat omringd zal zijn door mensen? Zie je wel, tegenstrijdigheid ten top. 

Begrijp me niet verkeerd. Ik vind het heerlijk om dingen in mijn eentje te doen, en doe dat ook regelmatig. Net at ik nog frietjes in een of andere biologische snackbar (zo doe je toch nog iets goed, denk je dan) en kletste ondertussen met de meest sarcastische vrouw die ik ooit ontmoette. (We hebben ook zeewier-kroketten. Zijn die lekker? Nee, niet te vreten.) Alleen zijn is heerlijk, zelf kunnen kiezen wat je doet is dat ook en absoluut essentieel in mijn leven. Maar geef me niet te lang en laat me niet te lang alleen, want dan word ik panisch. Een stom voorbeeld, ik ben soms best rot tegen mijn mama (want dat zijn kinderen af en toe). Soms vraag ik namelijk of ze, ondanks de 200 kilometer die ons scheidt, wat minder berichtjes kan sturen terwijl ze altijd alleen maar lief zijn. Maar wanneer ik mij rot voel en ik uren lang geen reactie krijg op mijn honderden huil-emoticons, voel ik mij eenzamer en verlorener dan ooit. Ik heb zelfstandigheid nodig, maar ik heb mensen die van mij houden en van wie ik houd misschien nog wel meer nodig dan dat. En omdat beide eigenschappen zo prominent aanwezig zijn in mijn persoonlijkheid, botsen mijn hoofd en hart regelmatig met een mogelijke natuurramp tot gevolg. 

Wat ik er aan ga doen? Geen idee. Beide eigenschappen hebben voor- en nadelen, zoals alles op deze bol waarvan ik me nog steeds afvraag hoe hij in hemelsnaam kan zweven. Zelfstandigheid is fijn omdat je me nooit zult hoeven helpen, maar het af en toe ook doorslaat in extremiteiten. Mijn gevoel richting mensen is goed omdat ik intens kan 'houden van' en 'lief zijn voor', maar ook wat dat betreft wel weer snel alleen-ig kan zijn (en extreem, zoals wat ik eerder vertelde over het WhatsAppje en  talloze andere voorbeelden die ik je zal besparen om mijn waardigheid en jouw tijd mee te redden). 

Beide eigenschappen zijn in principe mooi (en handig) maar worden erg naar wanneer ze bijeen komen - en dan vooral voor mijzelf. Proberen te veranderen ga ik het niet, maar ik moet een soort van balans vinden, want die is nu veelal afwezig. Misschien moet ik wel gewoon wat minder in mijn hoofd bezig zijn. Minder piekeren in het algemeen. Ik werk er aan, maar zet me op een stoel in een lege ruimte en ik vermaak me prima met slechts mijn brein. Er zijn zo immens veel dingen waar ik aan kan werken om mijn leventje beter te maken, maar misschien moet ik er juist níét over nadenken. Dat ga ik deze vakantie doen, niet nadenken. Snappen jullie mij nog? Ik mij niet. Maar daar ga ik mijn hoofd niet over breken, denk ik.