maandag 23 mei 2016

De hypocriete 27-jarige veganist

Als je een stuk salami was had ik je al lang opgegeten. Nee, maar echt. Het begon een jaar of wat geleden. Mijn lieve Bas en poppige Bregje waren weg, samen een dagje naar zee, en ik zou thuis blijven om aan wat opdrachten te werken. Toen de hond van de buren mijn zelden stabiele werkflow opnieuw interrumpeerde had ik er schoon genoeg van, en geïrriteerd schoot ik in mijn bebloemde sandalen en stampte naar de voordeur naast die van ons. En dat was het moment waarop het me raakte - de geur van een fantastische soort varkensvlees, gekruid met de perfecte hoeveelheid knoflook en gerookt voor een precies goede tijdsperiode. Om het hoge geblaf van dat beest kon ik me niet meer drukmaken - wat ik in plaats daarvan deed was weer naar binnen rennen om mijn rode stoffen portemonnee van de tafel te grissen, me een seconde af te vragen of ik dit écht ging doen, en toen ik me realiseerde dat er geen weg meer terug was rende ik de deur uit en sprong ik op mijn fiets. Van de tijd tussen de beslissing en de eerste hap kan ik me alleen herinneren dat mijn wijde rok telkens tussen de spaken van mijn fiets kwam, maar het moment waarop het stukje vlees mijn tong raakte staat in mijn geheugen gekerfd als een haast orgastisch beleven. Sinds die bewuste dag haal ik iedere week opnieuw 100 gram salami bij de slager aan de andere kant van de stad - om maar niemand tegen te komen - en prop ik het goddelijke hoopje dood met een tube tandpasta binnen handbereik naar binnen. Mijn veganistische vriendinnen vertel ik niets en Bas al helemáál niet, want ik weet hoe zeer hij snakt naar een gehaktbal op zijn tijd - maar ik kan het niet laten. Ik kan het níét laten. Ik voelde me een beetje tegenstrijdig toen ik vorige week met een handjevol anderen stond te demonstreren tegen de vreselijke vleesindustrie en haar nieuwe nog dieronvriendelijkere regels, maar zolang ik wekelijks mijn rode hompje heroïne maar binnen krijg maakt het me niet uit dat ik misschien wel de grootste hypocriet op aarde ben. Nou ja. Dat dus. Ik ben er weer vandoor: Bas is thuis en we gaan samen boodschappen doen voor de biologische bietenstamppot op een bedje van organische sla die ik vanavond bereid.




Dit gaat trouwens niet over mij, want ik ben geen veganist of 27-jarige vrouw en ik heb geen kind dat Bregje heet. Zo zou ik mijn kind ook niet noemen, overigens.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen